Bestuursvacuüm stichting met benoeming door rechtbank ondervangen

Printvriendelijke versie

Het is geen uitzondering dat een stichting die zelf een bepaalde gewenste activiteit op grond van haar statuten niet mag uitvoeren, daarvoor een andere stichting opricht. Net zo min is het in die gevallen uitzondering dat het bestuur van de nieuwe stichting statutair wordt gevormd door (enkele leden van) het bestuur van de oprichtende stichting. Wat nu als de oprichtende stichting als gevolg van een fusie opgaat in een nieuwe organisatie en als gevolg daarvan ophoudt te bestaan?

Uitgangspunt is wat in de oprichtingsakte van de stichting die destijds de nevenactiviteiten ging verrichten, is opgenomen. In de bedoelde situatie zal daarin – normaal gesproken – staan dat het bestuur van de nieuwe stichting wordt gevormd door de leden van het bestuur of het dagelijks bestuur van de oprichtende stichting en dat het bestuurslidmaatschap eindigt als er niet meer aan dit vereiste wordt voldaan. Als intussen de oprichtende stichting na een fusie opgaat in een groter geheel, is er sprake van een bestuursvacuüm bij de extra opgerichte stichting. Immers, de oprichtende stichting – inmiddels gefuseerd – bestaat niet meer en kan daardoor ook geen bestuurders voor de tweede stichting leveren.

Als de statuten van de oprichtende stichting niet voorzien in een eindig bestaan, moet de rechter op grond van de wet voorzien in de opvulling van de ontstane vacatures. De vraag is dan wie er bestuurder(s) moet(en) worden. Zijn dat de laatste bestuurders van de gefuseerde stichting, of moet de rechtbank redeneren vanuit de bestuurssamenstelling van de nieuwe organisatie?
De rechtbank zal een aantal aspecten wegen bij haar oordeel:
• Wat staat er over de bestuurssamenstelling in de oprichtingsakte?
• Wat is de achtergrond van deze opzet? Dat kan zijn dat de oprichtende stichting volgens de toen geldende wetgeving niet zelf de gewenste nevenactiviteit kon uitvoeren.
• Is bij oprichting gekozen voor een organisatiestructuur waarbij het bestuur van nieuwe stichting moet bestaan uit leden van het bestuur van oprichtende stichting, zodat die de volledige zeggenschap heeft?
• Is er sprake van nieuwe omstandigheden, waarin bijvoorbeeld de koppeling tussen beide organisaties – de fusieorganisatie en de gebleven stichting – nog steeds van belang is?
• Is de nieuwe organisatie de rechtsopvolger van de gefuseerde stichting en wat is de bestuurssamenstelling daarvan?.
Op basis van de afweging van deze aspecten zal de rechtbank een of meer bestuurders benoemen.

Wilt u meer weten of bestuurssamenstelling na een fusie van de oprichters van uw stichting? Bel ons voor het maken van een afspraak.

Bron: Opmaat Onderneming & Recht, nieuws 2014/163, ECLI:NL:RBNNE:2014:332